We spreken over een verstandelijke beperking als er belangrijke beperkingen zijn in het functioneren. Het intelligentiequotiënt bedraagt minder dan 75; tegelijkertijd zijn er ook beperkingen in twee of meer gebieden van adaptieve vaardigheden: zelfredzaamheid, wonen, sociale vaardigheden, gebruik kunnen maken van diensten in de samenleving, zelfrealisatie, gezondheid, veiligheid, functionele schoolse vaardigheden, vrije tijd en werk. Een verstandelijke beperking komt tot uiting voor het 18e levensjaar.
Niet alleen het IQ is dus bepalend ! 'Verstandelijke beperking' wordt vandaag gezien als een dynamisch samenspel tussen de persoon, met zijn mogelijkheden en beperkingen, en de omgeving met de erbij horende verwachtingen en eisen.
Daarom worden de sterktes en zwaktes geanalyseerd op vier gebieden :
het intellectueel functioneren en de tien domeinen van adaptieve vaardigheden
het psychisch en sociaal-emotioneel functioneren
de gezondheid en het lichamelijk welzijn
de omgevingsfactoren
Op basis van de beeldvorming van de individuele ondersteuningsnoden, wordt een individueel ondersteuningsplan opgemaakt; ondersteuning kan in diverse gradaties geboden worden: af en toe, regelmatig maar beperkt in tijd, vaak en ruim in tijd, continue levenslange ondersteuning. Hierbij wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van de gewone maatschappelijke diensten.
Deze visie op verstandelijke beperking legt de nadruk op de groeimogelijkheden, op ondersteuning, op kansen bieden. Er is veel aandacht voor zelfbeschikking, weerbaarheid, eigen keuzes maken, gelijkwaardigheid en medeburgerschap.
Ter Dreve richt zich in hoofdzaak tot kinderen van 3 tot 15 jaar en volwassenen met ruime tot continue ondersteuningsnoden.